Stichting Museum 't Coopmanshûs - Franeker

Geschiedenis van het huis en haar bewoners

CoopmanshusHet Rijksmonument ‘t Coopmanshûs dankt zijn naam en het huidige uiterlijk en innerlijk grotendeels aan de in 1717 in Makkum geboren neuroloog Georgius Coopmans. Na zijn studie aan de Universiteit van Franeker promoveerde hij op 31 mei 1734 tot doctor in de geneeskunde. Na specialisatie in Leiden, vestigde hij zich als arts in Franeker. Hij trouwde met Johanna Wildschut, met wie hij één zoon had Gadso, die een beroemd arts zou worden. Coopmans beoefende niet alleen de interne geneeskunde, het geven van diëten en medicijnen, maar verrichte ook chirurgische ingrepen, de ‘medicina externa’ en behoorde tot een van de eerste doktoren in ons land die inentingen gaven tegen de pokken.

Het ging hem duidelijk voor de wind, want in 1746 kon hij zich permitteren het uit de 17de eeuw daterende zakenpand met trapgevel aan de Voorstraat van bakker Jorritsma te kopen. In dat zelfde jaar liet hij het tot het huidige patriciershuis verbouwen. De talrijke natuurstenen ornamenten zijn in de stijl van die dagen, de Rococo, aangebracht door beeldhouwer Lambert Barsee (of Bersée). De datering ‘anno 1746’ herinnert aan dat heuglijke jaar, evenals het portret van Hippocrates, dat aan Coopmans’ waardigheid als arts recht doet. Het interieur werd toen ook grondig aangepakt, waarvan de zich nog altijd in originele staat bevindende keuken in het achterhuis en de wandbetimmeringen evenals de slingertrap in het voorhuis nog getuigen. Coopmans was patriot en bevriend met Eise Eisinga de bouwer van het wereldberoemde Planetarium in Franeker. De laatste drie jaren van zijn leven was hij curator van de Franeker Academie. Hij stierf in 1800 en werd begraven in de Martinikerk aldaar. Jan Coopmans, zoon uit zijn huwelijk met Aukje Fontein bewoonde het Coopmanshûs na de dood van zijn vader tot 1848, waarmee het huis ruim honderd jaar in de familie Coopmans bleef. Daarna wisselde het huis meermalen van eigenaar. In 1938 verkocht de inmiddels op een na laatste eigenaar/bewoner, de arts I.W. de Vries, het pand aan de Gemeente Franeker. Na veel geharrewar over de bestemming, werd het in 1943 na een ingrijpende restauratie Museum ’t Coopmanshûs. Het was vooral Dr. A Wassenberg, de toenmalige directeur van het Fries Museum, die zich voor de totstandkoming van een museum in Franeker en het behoud van het pand inzette, bijgestaan door de bekende Friese architect J.J.M. Vegter.

In mei 2005 kochten de huidige eigenaren, Johannes Cornelis Smelik en Andries Stokking het pand aan. In januari 2006, nadat het museum was verhuisd naar Voorstraat 35 en onder de naam Museum Martena een nieuw leven ging leiden, kon de restauratie van het pand, dat veel achterstallig onderhoud had opgelopen, een aanvang nemen. Na een restauratieperiode van ruim een jaar, waarbij de vele authentieke elementen die dit rijksmonument rijk is, werden gespaard, werden de kamers in het huis als stijlkamers ingericht. Bezoek aan Museum ’t Coopmanshûs, de vertrekken op de begane grond inclusief de keuken en de gang met een lengte van 35 meter is op beperkte schaal mogelijk na schriftelijke aanvraag, te richten aan de Stichting Museum ’t Coopmanshûs, Voorstraat 49, 8801 LA Franeker.